Werkdruk
Dit jaar is 25 juli uitgeroepen tot de Internationale Dag voor ‘Judicial Well-being’, vrij vertaald de dag voor het magistratelijk welbevinden. Een besluit van de Verenigde Naties, dat voortkomt uit de zogenoemde Nauru-verklaring, die precies een jaar geleden is aanvaard door de UNODC, het Bureau voor Drugs en Criminaliteit van de Verenigde Naties.
In april 2024 publiceerde Jaap Winter het rapport Verkenning werkdruk Rechtspraak en Openbaar Ministerie. Werken aan echte oplossingen. Twee van de aanbevelingen om de werkdruk te verlichten gingen over samenwerking. Door bepaalde werkzaamheden te delegeren zou de druk op officieren van justitie en rechters kunnen afnemen, stelde Winter. Ook opperde hij de mogelijkheid van zelfsturende teams. Een jaar na oplevering van het rapport is er nog niet veel verbeterd, zo blijkt uit de enquête die de NVvR onlangs uitzette onder haar leden. Wij vroegen Winter naar de achtergrond van zijn aanbevelingen en waarom samenwerken in professionele organisaties lastig blijft.
Rechters en officieren van justitie merken nog weinig van de werkdrukmaatregelen die bij de rechtspraak en het Openbaar Ministerie tot verlichting zouden moeten leiden. Sterker nog, bijna 40 procent geeft aan dat hun werkdruk (in vergelijking tot vorig jaar) hoger is geworden. In de eerste werkdrukenquête na het verschijnen van het werkdrukrapport “Werken aan echte oplossingen” van Jaap Winter toetst de NVvR welke effecten haar leden hebben ondervonden van de 32 aanbevelingen om de te hoge werkdruk aan te pakken.
In het laatstgehouden Sectoroverleg Rechterlijke Macht (SORM) op 26 maart jl. is afgesproken dat de Minister en de NVvR Verkenner werkdruk Jaap Winter zullen uitnodigen voor een gesprek. Conform aanbevelingen 26 en 27 uit het rapport van Jaap Winter zal in dat gesprek worden besproken of voldoende voortgang is gemaakt met de uitvoering van zijn aanbevelingen, wat de effecten zijn op de werkdruk en of bijsturing nodig is om de problematiek nog effectiever te adresseren.
Het kabinet wil dat rechters na hun wettelijke ontslagleeftijd van 70 jaar nog maximaal drie jaar kunnen doorwerken als plaatsvervanger. Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid Claudia van Bruggen heeft dit aangekondigd in een brief aan de Tweede Kamer.
Vandaag heeft het College voor de Rechten van de Mens geoordeeld dat de Staat vrouwelijke rechters in opleiding door het inschalings- en beloningsbeleid tussen 1994 en 2023 heeft gediscrimineerd. Ook is er sprake van discriminatie in drie individuele gevallen bij de beloning in de opleidingsperiode en na de benoeming tot rechter. Het College verwacht van de Staat dat opvolging wordt gegeven aan zijn oordelen en dat wordt bekeken of er mogelijkheden zijn voor financiële compensatie van de betrokken rechters. De NVvR herhaalt haar eerdere oproep aan de Minister tot erkenning en compensatie voor vrouwelijke rechters en officieren in opleiding die in het verleden ten onrechte ongelijk zijn beloond.
Het Asiel- en Migratiepact zal grote invloed hebben op de rechtspleging in Nederland en de rechtsbescherming van migranten en mensen die asiel aanvragen.