Actueel
De NVvR vindt het van groot belang dat bij de inschaling van rechters en officieren van justitie in opleiding eventueel ontstaan onrecht niet alleen wordt erkend, maar ook daadwerkelijk wordt hersteld. De verantwoordelijkheid tot erkenning en herstel ligt bij de betrokken werkorganisaties en bij de Minister. In dat kader heeft de NVvR op 20 januari 2026 een brief verzonden aan alle presidenten en hoofdofficieren in Nederland. Deze brieven zijn inmiddels beantwoord door het College van procureurs-generaal en door de voorzitter van het Presidenten-Raad Overleg (PRO) namens de presidenten van de rechtbanken.
De strekking van de brieven is gelijk: de huidige inschalingssystematiek is in de jaren ’90 vastgesteld in overleg tussen de NVvR en de toenmalige minister. Men onderstreept het belang van zorgvuldige besluitvorming en verwijst naar het Sectoraal Overleg voor de Rechterlijke Macht (SORM). De NVvR beraadt zich op een vervolgstap.
Op 29 januari jl. heeft een begrotingsdebat plaatsgevonden in de Tweede Kamer. Voorafgaand aan het begrotingsdebat hebben kamerleden Ellian (VVD), Sneller (D66) en Straatman (CDA) in een amendement erkenning gevraagd voor de ongelijke behandeling van vrouwen en de discriminerende effecten van het oude inschalingsbeleid. Naast erkenning pleiten deze kamerleden voor een compensatieregeling voor vrouwelijke rechters en officieren van justitie in opleiding die hierdoor in het verleden zijn benadeeld. Zij willen hiervoor incidenteel 5 miljoen euro ter beschikking stellen.
De staatssecretaris heeft het amendement afgeraden om financiële en inhoudelijke redenen. Inhoudelijk heeft de staatssecretaris opgemerkt dat er verschillen zijn, maar dat deze verschillen niet doelbewust zijn gecreëerd. De NVvR constateert dat dit in de praktijk wel zo kan uitwerken. De staatssecretaris wacht het advies van het College voor de Rechten van de Mens af. Over de motie wordt in maart 2026 gestemd. De NVvR houdt u op de hoogte van de ontwikkelingen.
Lees hier het amendement.
Rechters en officieren van justitie hebben via het SORM een eigen onderhandelingstafel en hun eigen sectoraal overleg, waarin de ‘werknemer’ (vertegenwoordigd door de NVvR) en de ‘werkgever’ (vertegenwoordigd door het departement van Justitie & Veiligheid) met elkaar spreken over arbeidsvoorwaarden en rechtspositie. Dat kan gaan over salarissen, maar ook over o.a. veiligheid, werkdruk, opleidingsvereisten, diversiteit en organisatieveranderingen.