Bijna 300 leden reageerden de afgelopen weken op onze enquête over de termijn waarbinnen verlof moet worden aangevraagd. In de cao is afgesproken de termijn van de verlofaanvragen aan te pakken, vanwege de extra druk die dit veroorzaakt boven de al bestaande werkdruk in de gerechten en parketten. Daarbij wordt een uitgangstermijn van maximaal 4 maanden redelijk geacht. Deze termijn wordt slechts in 42% van de gevallen gehaald.
15 november 2024
Meer dan de helft van de respondenten (58%) laat weten dat de aanvraagtermijn voor verlof 6 maanden of langer is. Bijna 70% geeft aan dat de situatie daarmee niet is gewijzigd ten opzichte van vorig jaar en slechts 11% ervaart een verbetering.
De NVvR vraagt binnenkort in het SORM opnieuw aandacht voor deze situatie.
In het laatstgehouden Sectoroverleg Rechterlijke Macht (SORM) op 26 maart jl. is afgesproken dat de Minister en de NVvR Verkenner werkdruk Jaap Winter zullen uitnodigen voor een gesprek. Conform aanbevelingen 26 en 27 uit het rapport van Jaap Winter zal in dat gesprek worden besproken of voldoende voortgang is gemaakt met de uitvoering van zijn aanbevelingen, wat de effecten zijn op de werkdruk en of bijsturing nodig is om de problematiek nog effectiever te adresseren.
Het kabinet wil dat rechters na hun wettelijke ontslagleeftijd van 70 jaar nog maximaal drie jaar kunnen doorwerken als plaatsvervanger. Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid Claudia van Bruggen heeft dit aangekondigd in een brief aan de Tweede Kamer.
Oordeel College voor de Rechten van de Mens: Staat discrimineert vrouwelijke rechters
Vandaag heeft het College voor de Rechten van de Mens geoordeeld dat de Staat vrouwelijke rechters in opleiding door het inschalings- en beloningsbeleid tussen 1994 en 2023 heeft gediscrimineerd. Ook is er sprake van discriminatie in drie individuele gevallen bij de beloning in de opleidingsperiode en na de benoeming tot rechter. Het College verwacht van de Staat dat opvolging wordt gegeven aan zijn oordelen en dat wordt bekeken of er mogelijkheden zijn voor financiële compensatie van de betrokken rechters. De NVvR herhaalt haar eerdere oproep aan de Minister tot erkenning en compensatie voor vrouwelijke rechters en officieren in opleiding die in het verleden ten onrechte ongelijk zijn beloond.