‘Enkel inschaling op basis van het laatstverdiende loon leidt tot ongelijke beloning”. Dit is de conclusie uit het onderzoek dat een aantal rechters in opleiding hebben gehouden. Zij willen daarmee het initiatief nemen om het inschalingsbeleid te wijzigen. De NVvR neemt de stelling van de initiatiefnemers serieus en stelt dat enkel inschaling op basis van
6 december 2018
‘Enkel inschaling op basis van het laatstverdiende loon leidt tot ongelijke beloning”. Dit is de conclusie uit het onderzoek dat een aantal rechters in opleiding hebben gehouden. Zij willen daarmee het initiatief nemen om het inschalingsbeleid te wijzigen. De NVvR neemt de stelling van de initiatiefnemers serieus en stelt dat enkel inschaling op basis van het eerder ontvangen salaris als criterium voor zowel ZM als OM onvoldoende kan zijn om tot een juiste inschaling te komen.
Sinds 1994 worden rechters en officieren van justitie (in opleiding) ingeschaald op basis van het laatstverdiende loon. Beloningsverschillen (o.a. loonkloof tussen mannen en vrouwen) zijn veelvuldig onderwerp van gesprek in de media, politiek, rechtspraak en wetenschap.
Naar aanleiding van dit initiatief zal de NVvR er bij de Raad voor de rechtspraak en het College van procureurs-generaal op aandringen een onderzoek in te stellen naar de gesignaleerde inschalingsproblematiek. Binnen de sector rechterlijke macht mag ongelijke beloning onder gelijke omstandigheden niet voorkomen.
Op 5 maart jl. oordeelde het College voor de Rechten van de Mens dat de Staat vrouwelijke rechters heeft gediscrimineerd. Op 21 april jl. heeft de Staat op deze oordelen gereageerd. In zijn brief stelt de Staat zich deze oordelen aan te trekken en te zien wat de impact van deze oordelen is op de mensen in de organisaties die het betreft. Vervolgens verwijst de Staat naar de 5 miljoen euro die beschikbaar is gesteld voor erkenning en een uit te werken regeling. Tegen deze achtergrond wil het ministerie met de verschillende betrokkenen in een zorgvuldig proces in gesprek over een blijk van erkenning en de wijze waarop invulling kan worden gegeven aan het oordeel van het CRM.
In de Arbeidsvoorwaardenovereenkomst sector Rechterlijke Macht 2024-2025 is afgesproken dat de Minister van Justitie en Veiligheid een arbeidsmarktonderzoek uitzet. Dit onderzoek richt zich op de relatieve salarispositie en overige arbeidsvoorwaarden van de rechterlijke ambtenaren in vergelijking tot andere juridische beroepsgroepen.
Erkenning en compensatie ongelijke beloning blijft voorlopig uit
In het Sectoroverleg Rechterlijke Macht (SORM) van 26 maart jl. heeft de NVvR opnieuw gewezen op het belang van de erkenning van ongelijke beloning van vrouwelijke rechters en officieren van justitie. Daarnaast heeft de NVvR gevraagd naar de uitwerking van een compensatieregeling voor getroffen rechters en officieren. De Staatssecretaris van Justitie & Veiligheid heeft de gevraagde erkenning tijdens het SORM niet gegeven. De Tweede Kamer heeft aan de Staatssecretaris een bedrag van 5 miljoen euro beschikbaar gesteld voor een compensatieregeling, waarmee een blijk van erkenning mogelijk gemaakt kan worden. Er is nog geen duidelijkheid over de wijze waarop en wanneer de Staatssecretaris invulling zal geven aan de besteding van dit bedrag.