‘Pak je moment en grijp de aandacht’

24 juli 2025

Bron: Trema 12 / voorjaar 2025

Esther de Jong en Jasper Vogel verzorgen bij SSR de cursus Persoonlijke Effectiviteit voor gerechts- en parketjuristen. Naast werkdruk is effectief communiceren in hiërarchische relaties een terugkerend thema. Over het geven van feedback, het maken van werkafspraken en het stellen van grenzen.

Tien keer per jaar biedt SSR de cursus Persoonlijke effectiviteit voor gerechts- en parketjuristen aan. De cursus duurt twee dagen en telt maximaal acht deelnemers per keer. De Jong en Vogel wisselen elkaar af als trainer, maar werken beiden op dezelfde, ervaringsgerichte wijze. ‘Dat wil zeggen dat we theorie en praktijk combineren en uitgaan van situaties waarmee de cursisten in hun dagelijkse werk te maken hebben,’ legt De Jong uit. ‘We maken onder andere gebruik van zogeheten simulaties. Cursisten kunnen met een ervaren trainingsacteur bepaalde situaties oefenen in een rollenspel waardoor wat ze leren beter beklijft.’

Juristen die zich aanmelden voor de cursus weten vaak niet van tevoren wat hun leervraag precies is. Ze willen zichzelf persoonlijk ontwikkelen of hebben een gevoel dat iets niet helemaal lekker loopt, bijvoorbeeld in de samenwerking met, bijvoorbeeld, rechters. ‘Eigenlijk gaan alle vragen over communicatie,’ vertelt De Jong. ‘Hoe gerechts- en parketjuristen helder en duidelijk hun mening kunnen overbrengen aan anderen, en ook over de manier waarop ze met zichzelf communiceren, bijvoorbeeld dat ze altijd perfect moeten presteren of altijd zo kritisch op zichzelf zijn.’

‘De cursus is eigenlijk bedoeld voor iedereen die op zijn werk lastige situaties tegenkomt of wil groeien op communicatief vlak,’ vult Vogel aan. ‘Herkenning van een bepaald patroon in de omgang met anderen en erkenning van wat er dan in jezelf gebeurt, zijn belangrijke inzichten. Vervolgens bespreken we alternatieven om met bepaalde situaties en ongemakkelijke gevoelens om te gaan.’

Laptop openklappen

Voor de gerechts- en parketjuristen geldt dat ze, net als rechters en officieren, een hoge werkdruk ervaren. ‘Wij zien de deelnemers in de pauzes en ’s avonds heel vaak even hun laptop openklappen om nog iets af te maken of mails te beantwoorden,’ zeggen de trainers. Hoe deelnemers met deze stress omgaan, is op zich al een goede indicatie van de manier waarop ze naar zichzelf en anderen kijken. Naast werkdruk is effectief communiceren in hiërarchische relaties een terugkerend thema. Dan kan het gaan over het geven van feedback, het maken van werkafspraken of het stellen van grenzen.

‘Gerechts- en parketjuristen zijn over het algemeen heel toegewijde, analytisch sterke en harde werkers,’ weten de trainers. ‘En kritisch, vooral naar zichzelf. Wij leren de cursisten vooral om duidelijker hun behoeften aan te geven. Minder om de hete brij heen draaien, maar het gesprek openen. Actiever bijdragen aan het raadkameroverleg, maar ook leren omgaan met die innerlijke stem die altijd kritisch is.’

Gelijkwaardigheid

Omdat De Jong ook veel andere professionals traint, ziet ze duidelijke overeenkomsten tussen bijvoorbeeld gespecialiseerde verpleegkundigen en gerechtsjuristen. ‘Beide groepen professionals werken intensief samen met anderen, de een met chirurgen, de ander met rechters. Beide groepen professionals hebben elkaar nodig, maar staan ook in een bepaald hiërarchisch verband. Dat brengt allemaal vragen mee. Vaak betrappen gerechtsjuristen zichzelf erop dat ze de ander, in casus de rechter, het voordeel van de twijfel geven en zichzelf in een bepaalde situatie bekritiseren. Ze beschouwen de rechter als iemand die meer ervaring heeft en het beter weet, en doen zichzelf daarmee te kort. Datzelfde geldt voor veel parketjuristen. Wij leren de cursisten dat het effectiever is om ervan uit te gaan dat iedereen zijn eigen professionaliteit meebrengt. Gelijkwaardigheid is daarbij het uitgangspunt.’

‘Op zich weten de deelnemers best wat ze waard zijn,’ gaat Vogel verder. ‘Ze twijfelen niet aan hun eigen kennis en kunde, maar eenmaal aan tafel met de rechter vragen ze zich toch af of hun mening er wel toe doet. En dan houden ze hun mond. Wij leren de cursisten om uit zichzelf hun mening naar voren te brengen. Persoonlijke effectiviteit heeft namelijk veel te maken met zelfreflectie en proactief handelen. Als mensen leren om hun persoonlijke autonomie te vergroten, kunnen ze beter anticiperen op lastige situaties en weten ze dat ze een keuze hebben om op een bepaalde manier te reageren.’

Non verbale communicatie

‘Pak je moment en grijp de aandacht,’ zoals Vogel het noemt. Dat kan zowel verbaal als non-verbaal. Zo oefenen de cursisten tijdens de training bijvoorbeeld hoe lichaamstaal kan helpen om stevig en authentiek over te komen. ‘De cursisten zien en voelen op die manier dat non-verbaal gedrag een vorm van gedrag is waarmee je kunt spelen.’

Dat De Jong een achtergrond in het theater heeft, is wat dat betreft geen toeval. ‘In drama wordt vaak gebruik gemaakt van typische kenmerken van mensen die een bepaalde overtuiging over zichzelf of anderen hebben. Status heeft invloed op de manier waarop iemand spreekt, kijkt of beweegt. In het dagelijks leven hebben we hier allemaal mee te maken. Om persoonlijk effectief te zijn, moet je dan niet per se het gedrag van een ander nadoen, maar moet je juist leren wat jou persoonlijk helpt om bepaalde situaties het hoofd te bieden. Helpt het als iemand zich klein maakt in raadkamer door de schouders te laten hangen en niets te zeggen? Dient het een doel om een stoel achteruit te zetten, een rug te rechten, de armen op tafel te leggen? Wij oefenen dit uitgebreid, net zolang totdat iemand zich goed voelt bij wat hij doet en wie hij is. Authenticiteit is essentieel om persoonlijk effectief te zijn.’

‘Gerechts- en parketjuristen hebben een dienende rol in het juridische proces,’ verduidelijkt Vogel. ‘Maar dat wil niet zeggen dat iemand in raadkamer altijd zijn ogen hoeft neer te slaan en hooguit iets mag mompelen. Soms is het effectief om mee te buigen en je neer te leggen bij een bepaalde aanpak. Veel gerechtsjuristen vinden het niet erg dat hun naam niet onder het vonnis staat, al hebben ze dat meestal wel geschreven. De pijn zit vooral in die niet erkende gelijkwaardigheid. Hebben rechters respect voor de gerechtsjurist? Op welke toon stelt de officier een vraag? Krijgt iemand erkenning voor het werk dat hij doet?’

Verbindende communicatie

Niet alleen non-verbaal kunnen de cursisten hun gedrag aanpassen, ook verbaal is er heel wat te leren. ‘Het is belangrijk dat gerechtsjuristen en parketsecretarissen zich durven uitspreken, met behoud van de relatie,’ zoals De Jong het formuleert. Dat blijkt in de praktijk best lastig. Feedback geven is voor mensen met een gelijke status al lastig, laat staan dat er een hiërarchisch verschil is. Feedback geven is daarom een groot onderdeel van de cursus. Daarvoor gebruiken de trainers verschillende modellen, zoals het 4-g-model waarin het gaat over gedrag, gevoel, gevolg en gewenst (gedrag). ‘En we oefenen veel met verbindende communicatie,’ zegt De Jong. ‘Hoe kan je op een volwassen manier met elkaar in gesprek komen, niet op een verwijtende manier, niet vanuit klagen, maar vol verantwoordelijkheid nemen voor wat jij nodig hebt. Dat betekent niet dat je altijd je zin krijgt, maar zorgt wel voor evenwicht in de relatie.’

Onafhankelijk of afhankelijk

Hoewel cursussen op het gebied van communicatie, intervisie en feedback inmiddels gemeengoed zijn, blijven cultuur en gedrag binnen de rechterlijke organisatie een bron van zorg. In het visitatierapport uit 2023 staat met zoveel woorden dat leren in een oordelende organisatie nog niet meevalt en opbouwende kritiek al snel als kritiek kan worden opgevat. In datzelfde rapport wordt gesteld dat de samenwerking tussen rechters en gerechtsjuristen moet worden versterkt.       

‘Feedback geven is in elke organisatie lastig, maar omdat rechters onafhankelijk zijn, ligt het bij de rechtspraak nog net wat gecompliceerder,’ denkt De Jong. ‘Rechters zijn onafhankelijke denkers en beslissers en dat moet ook. Onafhankelijk beslissen in je werk wil alleen niet zeggen dat je volledig onafhankelijk bent van de omgeving waarin je functioneert.’

Sterker nog, in feite zijn rechters in de meeste gevallen heel afhankelijk van de gerechtsjuristen, alleen al omdat zij in veruit de meeste gevallen de vonnissen schrijven. Zonder gerechtsjuristen zou de rechtspraak niet meer kunnen functioneren. Rechters zouden zich dat wat vaker mogen realiseren, zeggen de trainers voorzichtig.

‘Juist mensen met een hiërarchisch hogere positie in een organisatie zouden vaker om feedback moeten vragen,’ vindt Vogel. ‘Anders bestaat het gevaar dat ze alleen maar worden bevestigd en daardoor als het ware scheefgroeien. Maar vragen om feedback mag geen vinkje op een vragenlijst worden. Rechters die meteen na de zitting aan de gerechtsjurist vragen hoe het ging, zullen zelden een eerlijk antwoord krijgen. Het geven en krijgen van waardevolle feedback vraagt om aandacht en tijd. Vraag dus eens aan de gerechtsjurist of hij of zij later in de week nog eens tijd heeft om te reflecteren op een bepaalde zitting, wat er goed ging en wat beter kan. Dan voelt iemand zich niet zo onder druk gezet.’

Bewustzijn of reflectie

Of in het kader van het terugdringen van de werkdruk nog meer kan worden gedelegeerd aan gerechts- of parketjuristen, durven De Jong en Vogel niet te zeggen. En, benadrukken ze alle twee, samenwerken is uitdrukkelijk iets anders dan delegeren. ‘Samenwerken betekent in gesprek gaan afstemmen, elkaar respecteren in de professionele rol, gelijkwaardigheid nastreven, opdat iedereen zo plezierig, efficiënt en effectief mogelijk werkt en mensen elkaar versterken en helpen.’

Erkenning en waardering zijn daarbij belangrijk. ‘Niet dat gerechts- en parketjuristen voortdurend een complimentje moeten krijgen, maar erkenning voor goed werk is essentieel. Het is jammer dat mensen elkaar zo weinig complimenten geven. Professionals beschouwen complimenten al snel als soft, terwijl uit psychologisch onderzoek duidelijk naar voren komt dat complimenten het werkgeluk verhogen.’

Zet de volgende keer dus eens een krul onder het vonnis – ‘mooi verwoord!’ – in plaats van onmiddellijk met de rode pen alles te veranderen. ‘En dat geldt andersom natuurlijk ook,’ haast De Jong te zeggen. ‘Een gerechtsjurist kan ook eens spontaan opmerken dat hij het optreden van de rechter ter zitting goed vond. De rechtspraak en het OM hoeven echt geen “dag van de complimentjes” te organiseren. Het gaat om bewustzijn en reflectie op de cultuur die mensen graag met elkaar willen vormgeven en de manier waarop ze willen en kunnen samenwerken.’ 

Dramatherapeut en docent Esther de Jong heeft haar eigen bedrijf, Bureau de Speelruimte, en geeft naast cursussen bij SSR ook  intervisie en coaching aan andere professionals, bijvoorbeeld in de zorg. Arbeids- en organisatiepsycholoog Jasper Vogel is werkzaam op de Rijksuniversiteit Groningen als docent op het gebied van coaching en gesprekstechnieken en heeft daarnaast een eigen coachingspraktijk, gericht op studenten.

Klik om toegang te krijgen tot de login- of registratiekaas
Scroll naar boven